Leven vanuit onze grondslag

Wekelijkse inspiratie - 4 september 2026

In de opmaat naar de Vredesweek, die dit jaar als thema heeft ‘Niets doen is geen optie’, deel ik graag dit indringende gebed van Erik Borgman met jullie.

God,
er staat geschreven,
over Jezus uw Zoon,
dat Hij in het zijne kwam,
maar de zijnen hem niet aanvaarden.

Hij was daarmee deel
van een ontelbare menigte:
niet aanvaard waar ze werden geboren,
uitgedreven waar ze opgroeiden,
teruggeduwd toen ze op weg gingen,
verwaarloosd en getreiterd waar ze aankwamen.
Bedreigd en weggepest
om anderen af te schrikken.

Maar zij kwamen in het hunne:
hun wereld, hun soortgenoten,
uw vrijgevige schepping

waar voor ieder ruimte is
en voedsel, en beschutting, en gezelschap.
Waar het voor alles een zegen is
als allen hun gaven delen.

Dat zij blijven komen,
dat zij blijven geven,
dat zij blijven delen:
hun aanwezigheid,
hun geloof en hun hoop,
hun moed, hun doorzettingsvermogen.
Beeld van U zijn zij daarmee,
van uw onbegrijpelijke barmhartigheid
voor ons.

Dat wij niet stikken in onszelf, maar opengaan!1

Meer werelden

Wat me raakt, is dat de woorden niet alleen een beeld schetsen van tweeduizend jaar geleden, maar nog steeds herkenbaar en actueel zijn: in veel schrijnende situaties in onze wereld is er een gebrek aan omstelling, compassie en gelijkwaardigheid. Alsof er meer werelden bestaan: één van ons en één van hen. Maar wie hoort er dan wél bij ons, bij mij en wie niet…? Zijn we allen kinderen van God of moet ik, als ik eerlijk ben, soms tot mijn eigen schrik bekennen, dat ik aan de één toch meer waarde toeken dan aan de ander?

Mensen die op ons lijken

Het is goed om te beseffen dat we ons gemakkelijker verbonden voelen met mensen die op ons lijken, onze taal spreken, onze gewoonten begrijpen of onze zorgen delen. Degene die verder van ons afstaat, blijft sneller een onbekende, iemand die we – vaak onbewust en onbedoeld – niet écht zien.

Van wie is deze wereld

Hoe vertaalt mijn, onze, apostolische grondslag zich eigenlijk naar mijn hart, mijn hoofd, míjn woorden en míjn keuzes? Hoeveel van wat ik van ons noem, beschouw ik eigenlijk vanzelfsprekend als van mij? En wat gebeurt er wanneer iemand anders aanspraak maakt op diezelfde ruimte?
Dat is wat Borgmans woorden ook met me doen. Hij maakt het me bewust moeilijk met een zin als: ‘zij kwamen in het hunne’. Die woorden keren iets om en laten zien: van wie is deze wereld eigenlijk? Alsof we iets bezitten wat van ons is en niet van anderen. Hij verbreedt het perspectief nog verder en verbindt het met de schepping die – zonder aanziens des persoons – geeft en neemt en waar het voor alles een zegen is als allen delen wat hun gegeven is.

Deel van hetzelfde mysterie

Dan is gelijkwaardigheid geen abstract ideaal, maar een oefening in het loslaten van vanzelfsprekendheden. De ander is niet te gast in míjn wereld, míjn straat, míjn klas, míjn land, wij zijn samen deel van precies hetzelfde mysterie. Daarin is ons het vermogen gegeven om barmhartig te zijn en is het aan ons om dat vermogen steeds opnieuw ruimte te geven. Wat zou het met ons doen als we, levend vanuit die verbondenheid met de bron van alle leven, proberen lief te hebben - als het nodig is zelfs tegen de stroom in?

Andere perspectieven zoeken

Leven vanuit onze grondslag begint daar waar we niet wegkijken van het donker en ook de werkelijkheid niet mooier maken dan zij is. Het vraagt van ons dat we anderen niet reduceren tot afkomst, mening, status, kwetsbaarheid of fout. Dat we het verschil niet ontkennen, maar het ook niet bepalend laten zijn. Juist in een tijd die tot verharding verleidt, een ander perspectief willen zoeken. Niet naïef, maar met open ogen voor wat er in de wereld gaande is. Doe je mee?


Nanda Ziere